Het hotel waar we zitten ligt precies in het hart van dit plaatsje, op het enige kruispunt. 3 winkeltjes, 2 hotels - en al het verkeer naar het haventje komt er langs. Nou arriveren en vertrekken er slechts 5 passagiersbootjes per dag, toch wordt er heel wat heen en weer gecrosst met rode tuktuks van en naar de pier. Ook bouwmaterialen komen van het vaste land en worden per vrachtwagentje (de enige auto van het eiland) naar de plaats van bestemming gebracht. Met een noodgang en met een toeter die je een meter doet opspringen van je stoel en de vele straathonden opzij doet stuiven jakkert het wagentje een tiental keren per dag voorbij - van 4 uur 's-ochtends tot laat in de avond.
Ook al kwam er toch echt een mand met kippetjes met ons mee naar Quan Lan, het menu bestaat er toch voornamelijk uit vis, garnalen en sea food. Watertandend legde Duang ons uit dat toch eigenlijk een 'hot pot met sea food' niet mag missen - we hebben toch maar bedankt en het bij vis en garnalen gehouden - verbazend lekker was dat. We bestelden alleen veel te veel omdat je nooit weet of een gerecht nou een hele maaltijd is of slechts een (bij)gerecht.
's-Avonds weer bij het hotel gegeten. Waar het gisteren (zaterdag) superdruk was met hot-pot-etende weekendje-weg-Vietnamezen, waren we nu, samen met de (saaie) Engelsen die ook op onze boot zaten, de enige aanwezigen, was de staf lusteloos moe van het harde werken. Of misschien zei ik mijn Cam An (wat 'dank je wel' zou moeten betekenen) wel met net de verkeerde klemtoon waardoor het 'je moeder is een aap' betekent - we zullen het nooit weten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten